Op weg naar het ideale Steenuilerf •Broedplaatsen Schuurtje, holle boom, dak, nestkast •Schuilplaatsen Holle boom, schuur, houtstapels •Voedselplekken –Boomgaard met kort gras, –Begraasde weide met paaltjes –Bermen of talud met knotbomen ruigte, moestuin, hagen, singels, takkenril, mesthoop etc
De Steenuil is een gezelschapsdier. Niet alleen omdat hij veel minder een nachtvogel is dan de andere uilen, maar vooral omdat hij al eeuwen lang het liefst in de buurt van mensen leeft. Hij verblijft in gebouwen zoals schuren, kippenhokken, veestallen e.d. waar de Nederlandse naam “Steenuil” op duidt. Nestplaatsen vindt ie in holle ruimtes zoals tussen dakbeschot en in holtes van bomen. De Steenuil is ook een van de leukste uilen, vooral vanwege zijn grappige gedrag. Wanneer hij met z’n felgele ogen (zie: Veldkenmerken) nieuwsgierig uit zijn slaaphol kijkt of wanneer hij zich opwind en de alarmroep laat horen om vervolgens karakteristiek op en neer te wippen is hij net een kleine kobold. Hoog opgericht drukt hij zich plotseling bijna horizontaal op de grond, om daarna weer even snel omhoog te “veren”. De laatste jaren is het aantal Steenuilen in Nederland sterk afgenomen. Vooral in het noorden en westen van Nederland is de Steenuil de laatste dertig jaar een zeldzame verschijning geworden. In het oosten en zuiden van ons land houden ze beter stand, hoewel ze daar ook op de meeste plaatsen achteruitgaan. Broedden er in Nederland rond 1980 nog zo’n tienduizend paren, twintig jaren later waren dat er nog maar zesduizend. De Steenuil prijkt inmiddels op de Rode Lijst van onze kwetsbare en bedreigde broedvogels. Om deze afname een halt toe te roepen zijn diversen landelijke organisaties en veel werkgroepjes al enkele jaren bezig met de bescherming. Ook in Brabant komt de bescherming van de Steenuil langzaam maar zeker op gang. | |