De ransuil is een lange, elegante bruine uil, met donkere vlekken en streepjes op zijn borst. Zijn opvallende oranje ogen en verandering in gezichtsuitdrukking maken hem tot een lust voor iedere vogel liefhebber. Het is de enige uil met oorpluimen, althans dit zijn eigenlijk de kopveren die hij bij een verhoogde waakzaamheid rechtop zet.
Hij valt door zijn tamelijk verborgen levensstijl niet zo op in de natuur. In het wisselspel van schaduw en licht en dankzij de tekening van zijn verenkleed is het moeilijk hem te ontdekken. Daarbij komt dat het aantal ransuilen per gebied schommelt en dat hij voornamelijk in de nachtelijke uren jaagt. Zijn aanwezigheid is afhankelijk van de aantallen aanwezige prooidieren, met als belangrijkste prooidier de woelmuizen maar ook veldmuizen en andere knaagdieren.
Zoals de meeste uilensoorten die in ons land voorkomen, is ook de Ransuil een standvogel, dat wil zeggen dat ze het gehele jaar in de omgeving van hun broedgebied zijn te vinden. In Brabant is hij nog op verschillende plaatsen te bewonderen. De ransuil broed zelden in en om de menselijke bebouwing, maar overwintert er wel relatief veel en in strenge winters zelfs in steden. | |