Uilen in Brabant Kerkuil 



Home
 
Achtergrond nieuws
Uilenwerkgroepen 
Steenuil in de lift 
Foto vd maand!
In het veld
Brabant praat mee
Vogelwacht Uden
 
 
 
 
  

De Steenuil De Kerkuil De Bosuil De Ransuil De Velduil De Oehoe

Klik op de foto om hem te vergroten

Bosuilnestkasten in Reusel 2006

Door Pieter Wouters

Inleiding
In 2006 zijn de in Reusel gehangen bosuilnestkasten weer op dezelfde manier gevolgd als in de voorgaande jaren.
De kast in De Bus is tijdens de herfst van ouderdom naar beneden gevallen. Ze is gerenoveerd en vanwege de continuďteit 50 meter verplaatst zodat ze nu in het gedeelte van Brabants Landschap hangt.
Het broedseizoen leek in eerste instantie slecht te verlopen maar bleek gewoon later op gang te komen. Mogelijk een gevolg van een mindere voedselsituatie in winter en vroege voorjaar?
Ondertussen zijn de kasten weer allemaal in gereedheid gebracht voor het komende broedseizoen.

Resultaten
R1 eieren
In 2006 kwam het broedseizoen pas laat op gang. We zien dan ook dat de gemiddelde legdatum bijna een week later ligt dan vorig jaar en ook nog later dan in het begin jaar 2005. De vroegste datum waarop begonnen is met de eileg laat een nog grotere afwijking zien. Uiteindelijk wijkt het aantal eieren wat gelegd is niet erg af met de voorgaande jaren, maar de reeks is nog kort.
Slechts 1 broedsel ging verloren in de eifase; doordat het mannetje werd doodgereden en het vrouwtje daardoor gedwongen werd om het legsel in de steek te laten

Jaar Gemiddeld legbegin Vroegste-laatste Aantal eieren / bezette kast Uitgevlogen jongen/ bezette kast
2004 23 feb (n=9) 6 feb - 18 mrt 3.8 (n=11) 2.2 (n=11)
2005 20 feb (n=11) 5 feb - 28 feb 4.3 (n=11) 3.1 (n=11)
2006 26 feb (n=11) 14 feb – 9 mrt 3.7 (n= 11) 2,7 (n=11)

Tabel 1: Verloop vanaf broedseizoenen 2004.

R.2 Jongen
Het gemiddelde aantal jongen dat uit vloog was in 2005 2,7 jong/bezette kast. Dit is goed als men het afzet tegenover de andere twee onderzoeksjaren.
Als we het aantal jongen berekenen per geslaagd broedsel dan komen we in 2004 op 3 jong per nestkast een verlies van een 0.8 punt ten opzichte van de eifase. In 2005 was dit verlies 1.2, wat zou kunnen duiden op een verslechterde voedselsituatie gedurende het broedseizoen. In 2006 was dit verlies 0.7.

R.3 Vrouwtjes
Om de overleving van de vrouwtjes te kunnen bepalen worden ze tijdens het ringen van de jongen gevangen. Dit jaar is dat goed gegaan. Slecht in twee kasten lukte het niet. Maar een van deze twee vrouwtjes kan aan haar zeer agressieve gedrag herkend worden; zonder voorzorgsmaatregelen kan het benaderen van haar kast een hachelijke onderneming zijn.
In 8 kasten zijn zowel in 2005 als in 2006 de vrouwtjes gevangen. In 2 kasten zat ten opzichte van vorig jaar een nieuw vrouwtje wat inhoud dat dit jaar de turnover 25% bedroeg.
Opvallend is dat ook het vrouwtje in De Bus is vervangen, ze was in 2005 zeker 6 jaar oud. Zou het even ontbreken van haar nestkast er iets mee te maken kunnen hebben?
Totaal werden 4 ‘nieuwe’ vrouwtjes gevangen. Drie daarvan zijn geboren in een van de reuselse nestkasten. Twee in 2005 en een in 2004. De vierde betrof een vrouwtje met een Belgische ring en is in 2005 geringd in Kasterlee (B), op ±17 km afstand.

 

Copyright © 2007 Job van den Hoven webdesign