|
De ransuil is
iets kleiner en vooral slanker als de bosuil. Hij is ongeveer 36 cm
lang en duidelijk herkenbaar aan de vertikaal opgerichte oorpluimen
en oranje gele ogen. De oorpluimen kunnen echter bij ongestoorde
uilen of in rusthouding geheel plat liggen. De bovenzijde is bruin
van kleur met een tekening van lichtere vlekken. De ogen bevinden
zich aan de voorkant van de kop, zijn groot en omgeven door een
krans van veertjes. De kop is breed en bevindt zich recht boven het
lichaam. Op de kop bevinden zich rechtopstaande oorpluimen.
De onderzijde is
lichter en bedekt met onregelmatige lengtestrepen. Het verenkleed is
op de bovenzijde geelbruin, donker gemarmerd als boomschors met op
de onderzijde licht roestgeel met krachtige donkere lengtestrepen.
In de regel is mannetje ransuil lichter op de onderzijde als
vrouwtje bosuil.
De lange, smalle
tenen van de ransuil zijn niet geschikt om grote weerbare prooien te
grijpen.
|